Verrukking
handen dwalen onder gewillige gewaden
wisselen speelse minnegroeten
onder 't zangerig lover
zij bloost, gaat voort met lippen zomen
spant boezem strak achterover
in hevig toezien en bedwelmend zwijgen
zoeken in elkaars ogen
stem van herfst schemeringen
door vochte mond licht aangeraakt
gevallen engel van verrukking dronken
ontspringt een laatste rilling
geschokt in bevredigd snikken