Ingetogen
gele sterrenbloemen
op malsgroen tapijt
't diepe blauw van verre bergen
fijne sluiers van jonge bladeren
een dag die zachtblauw
en glimlachend boven het dal
was opgeklommen
de warme damp als adem
in dauwdruppels neer streek
op haar ronde heuvels
de eeuwig bloedende wonde
van zijn hart gestelpt
door haar zacht
en ingetogen huilen
van gelukzalige verbijstering
hun ogen in elkaar verstrengeld
de wond trok nog wat na
en schrijnde licht