gedicht van Hans van Druten

Onbeschroomd          



iedere blik van haar een vlam
die hem in glans en gloed hulde
licht en vreugde om hem spreidde
zijn ziel geheel doorboord

glimlach maakte haar ogen groot
wijl z' hem met zoete woordjes
en onbeschroomde liefkozingen
gevangen hield

lachend als 'n leeuwerik in d' ochtend
verjoeg ze zijn teveel aan jeugd
en ook zijn groot donker verdriet
waarna voldaan z' haar ogen sloot