gedicht van Hans van Druten
Aangerand    
   


langzaam verstilde zij
dreef pijn uit haar spieren
haar masker verdampte

toen kwam de lichte vorst
zette pareltjes in soft pastel
toverde glimlach, ogen straalden

kwam de hete vorst
adem schroeide haar lippen
zij kon niet langer stil

haar oester door een korrel zand
aangerand, huilde paarlemoer
afgezet langs scherpe kantjes