gedicht van Hans van Druten
Ontluiken


het park paden aangelegd
van gouden takken,
straalgeloverte

gearmd voortgaande meisjes
op voetenwijsjes
dragen in hun handen
en gezichten

jeugdige onschuld
vermengd met ontluikende
vrouwelijkheid

in hun schoot
'n tulp voor 't eerst
zijn kelk opent

om gulzig van sjanswater
te slurpen