gedicht van Hans van Druten
Stuimend


fijne vlam, knal oranje
langs gouden avondnevel

strakke schaduw springt
kleine vlam dooft

droomsterren uit duister blauw
maan wandelt stil als statige vrouw

zingt zij bij 't vallen van de nacht
mensenwoord in windgeruis

duisternis  zwaar zwart;
doomschokkend snikken

dan gloeit een roos boven ons
die alles in een zucht oplost

doordat jij volgt
jouw stuimend hart