gedicht van Hans van Druten
Keelklanken


















roze oleanders die schaduw fluisteren
rode lokken die vonken schieten
in het licht van de ondergaande zon

in het dunne, waterige maanlicht
lijkt de zacht klotsende zee
mijn gedachten te sussen

haar stem zacht en zoet
rilt uit haar huiverende vlees,
dialect vol kirrende keelklanken

op een eeuwige glimlach gelipt