Ingezonden Gedicht
De oude Moeder


Zij snijd de korstjes van haar boterham
Haar tanden kunnen het niet meer aan,
Het enige wat zij 'gelukkig,' nog een beetje kan'
Is wat zij vroeger nooit zou hebben gedaan.

Haar boterham doet zij nu soppen, in een kopje thee
Dat vond zij vroeger altijd smerig, niet zo net,
Nu eet zij alleen, haar boterham, en valt het mee
Als zij net, een kopje thee heeft gezet.

Toch zou zij wel, willen bijten, in een appel, of een peer
Zoals vroeger, het sap dat liep dan over haar kin;
Dat kan helaas, al jarenlang niet meer.
Maar, een perzik, ja, dat zit er nog wel eens in.

Die zijn zo heerlijk sappig, zacht en lekker zoet
Met zo een blozende, fluwelen huid omgeven;
Druiven en pruimen gaan ook heel goed,
Er is nog zoveel heerlijks nog in het leven

Natuurlijk moet zij zich enigszins beperken
Als zij, zelf zoals nu, het brood moet soppen
Hoeft zij daar nog helemaal niets van te merken;
Zal zij met het eten, van lekkere dingen, niet stoppen.

Zij kan dan nog jaren voort, op haar eigen manier
Eten drinken, dat zal zij uit de mond niet sparen
Zij heeft in het leven nog zoveel plezier
Op haar leeftijd kan zij het heus wel klaren

Soms dwalen haar gedachten af, dan denkt zij aan de tijd
Dat het allemaal zo alleen niet meer zal gaan;
Zij levert dan ook voortduren strijd
Om haar eigen oudemensen bestaan.

Het lopen wil ook niet zo best, haar voeten doen haar zeer
Zij gaat dan even liggen; voelt zich dan zo moe,
Als zij even heeft gerust, gaat het best wel weer
Doet zij in de schemer, vast de gordijnen toe.

Dan komt het avond eten, door haar Zoon gebracht
Hij vraagt hoe het met haar staat,
Wenst haar smakelijk eten en een goede nacht
Kijkt bij de deur nog even om, of zij wel eten gaat.

De tafel had zij al gedekt, altijd dezelfde plek.
Haar zoon woont met zijn vrouw aan de overzij;
Vanavond is het Zuurkool, gestampt met spek
Een heerlijk stuk worst, zit er ook nog bij.

De worst dat is haar iets teveel, dat deelt zij met de kat
Die ligt de hele dag te slapen, op zijn plekje voor het raam,
Hij heeft vandaag, nog niet zoveel van haar gehad,
Dus die worst delen zij nu heerlijk saam.

Nu is het tijd om te gaan slapen, het is al over achten
Nog een beetje melk, in het bakje voor de kat
Zij is klaar...haar bed staat al te wachten
Voor vandaag, heeft zij, wel weer genoeg gehad.

Dick Schneider

Volgende gedicht