ingezonden gedicht

Sprookje


het sprookje kuste haar wakker
met de lippen van de prins
slaapdronken wreef ze
het zandmannetje uit haar ogen
niet begrijpend keek ze in het rond

elfjes dansten op de vleugels
van de vlinders en floten
het lied van goede morgen
kaboutertjes van de ijver
kuisten haar gedachten
tot gevoelens van intens geluk

met het toverstokje in de hand
deelde de fee haar lieve wensen uit
aan de feestdis van het genot
leste het sprookjesbos zijn dorst

alleen de boze heks was veroordeeld
tot levenslange eenzaamheid
in dit sprookje hoorde ze niet thuis

Cuypers Mich